Showing posts with label psychologie. Show all posts
Showing posts with label psychologie. Show all posts

Monday, 9 July 2012

Ik wil niet altijd maar sterk zijn


Soms ben ik ineens boos en verdrietig tegelijk. Boos omdat de instantie die daarvoor aangewezen is, niet luistert, niet doet wat zij moet doen, verdrietig omdat het is zoals het is en ik het niet kan veranderen, laat staan het al geaccepteerd heb. En dat is raar. Denk ik dat ik dat allang gedaan heb, blijkt dat op zulke momenten in mijn leven dat het niet zo is.

Ik heb al vele blogs geschreven over Lief en zijn autisme. Maar soms word ik met mijn neus op de feiten gedrukt. Dan gebeurd er iets, of lees ik zijn eigen blog en denk ik na. Hij snapt het nog niet, of hij is er nog helemaal niet mee aan het werk zoals hij of ik denken dat hij is. Hij denkt van wel, maar of  hij schrijft het verkeerd, of ik lees het verkeerd. Hij wil zich niet meer druk maken over het 'reilen en zeilen in huis'. Nee, dacht ik al lezende, dat laat hij al tijden aan mij over. Ik zucht en voel dat mijn ogen zich alweer vullen met tranen, net zoals het afgelopen weekeinde. En hij weet van niks. Natuurlijk niet, hij voelt dat niet aan. Mijn partner heeft autisme.

De man van het GGZ heeft dus gezegd dat ik mijn leven lang, of zijn leven lang beter gezegd, hem moet aansturen. Ik was het daar absoluut niet mee eens. Nog steeds niet. Ik ben ervan overtuigd dat een instelling als het GGZ mensen met een autistische contactstoornis, die echt niet dom zijn, in tegendeel, dingen kunnen aanleren. Dus ook om zelf dingen te leren doen. Zodat een partner ze niet meer hoeft aan te sturen.
Ik haal iedere keer het voorbeeld aan van de lichtblauwe overhemden van Lief. Toen hij nog op zichzelf woonde, voor ons samenwonen, hingen in zijn kast tientallen blauwe overhemden. Met strepen, zonder strepen, met ruiten, allerlei soorten maar allemaal lichtblauw. Ik verwonderde mij erover, maar nee, er ging geen licht branden, toen niet. Voor Lief bleek het (achteraf) gewoon makkelijk te zijn. Je pakt elke ochtend een schoon lichtblauw overhemd uit je kast en je hoeft niet na te denken over wat je aan moet trekken. Past op elke broek. Logisch. Toen hij mij leerde kennen, leerde hij ook dat hij heel wat meer was dan die man met die lichtblauwe overhemden. Hij keek verbaasd in de passpiegel en verwonderde zich over hoe hij er ook uit kon zien. Ik zie nog de tranen in zijn ogen toen hij zag hoe leuk hij eruit zag. Achteraf mijn 'fout'. Als je van fout kunt spreken. Ja, hij zag er leuk uit, maar de chaos was begonnen.
Hij wist niet meer wat hij aan moest trekken, niet meer op de automatische piloot.
Het begin van het aansturen.

Afgelopen zaterdag gingen wij een dagje naar 's Hertogenbosch. Ik ben dol op reizen met de trein en terwijl ik naast Lief zit en dit zeg en opmerk dat we toch zoveel gemeen hebben, zegt Lief: 'Hmhm'. Een begin van een hele dag met soortgelijke conversatie. Op het terras moet ik Lief aansporen tot conversatie. Ik praat hij luistert. Tenminste, dat denk ik. Zo ook lopende in de stad. Waar ik heen wil gaat hij. Alles is goed. Voor veel vrouwen het ideaal beeld, zo weet ik. Maar zo stil. Als ik niet zou praten zou het een hele stille dag geweest zijn. Ik denk wel dat hij geniet op bepaalde momenten, maar laat het niet blijken door wat te zeggen. Hij houdt ook van winkelen, maar ik krijg er de laatste tijd een rottig gevoel bij. Hij loopt mee, zegt weinig, is aanwezig en dat is het.


Hij is lief, mijn Lief, voor mij. En als hij ziet dat ik het moeilijk heb, wil hij wel zijn armen om me heen slaan, maar dan, dan weet hij het ook niet meer. Want ik ben de rots, ik ben het houvast. Wat als ik het ook niet meer weet? Als een hulpverlenende instantie mij zegt dat ik maar even de rest van zijn leven hem aan moet sturen, mijzelf vergetend, waar het op neer komt in feite want ik heb nog 2 pubers ook over aansturen gesproken, en die instantie biedt geen enkele hulp verder, waar blijven we dan? Waar is die hulp?
En meteen spreek ik mezelf streng toe: Je zegt zelf dat alles gebeurd voor een reden, dan zal dit ook wel gebeuren voor een reden. Je wordt er sterker van, ja nog sterker dan je al denkt te zijn. Dus hup, schouders recht, schudt die last er vanaf en recht je rug! Je krijgt niet meer dan je dragen kunt.
Adem in adem uit, en gaan!

Alle clichés ten spijt, het valt niet altijd mee, daarom is het fijn het even van me af te kunnen schrijven. Ik kan nergens anders terecht, niet bij een instantie, je familie wil je er niet mee lastig vallen en zo'n instantie... tja...
En laten we wel wezen, een potje janken lucht misschien wel op maar je krijgt er zo'n koppijn van!

© KH

Friday, 22 June 2012

Waarneming

“Everything that irritates us about others can lead us to an understanding of ourselves.” ― C.G. Jung
 

De laatste tijd ben ik me een aantal dingen gaan afvragen. Ik luister of lees dingen die mensen zeggen, over mij, tegen mij. Commentaar dat ze geven op bepaalde zaken, of commentaar dat ze geven op dingen die gezegd worden, soms op mijn blog of op mensen die reageren op mijn blog. Het stemde mij tot nadenken. Waarom, vroeg ik mij af, reageert de een zo fel terwijl de ander gewoon rustig zijn standpunt kan verkondigen? Waarom? Omdat ieder mens anders is natuurlijk, dat ten eerste. Maar zou er ook niet iets anders aan ten grondslag kunnen liggen?

Dat wat je aan anderen irriteert, wat je dwars zit, irriteert je dat ook niet in meer of mindere mate aan jezelf? In plaats van de ander te proberen een spiegel voor te houden, hou je dan niet eigenlijk jezelf een spiegel voor? Ik doel uiteraard op een specifiek voorval wat onlangs de gemoederen nogal bezig heeft gehouden, maar dat is verder gegaan dan dat. Het gaat verder dan dat. Het gebeurd overal. Mensen die denken de waarheid in pacht te hebben en hun eigen mening vol verve verkondigen alsof hun waarheid de enige waarheid is en de ander werkelijk niet weet waar ze over praten.

Nu zijn 'de Nederlanders' over het algemeen een nogal irritant volkje, al zeg ik het zelf. Vanmorgen zaten we onder het koffie drinken bij de mensen waar ik werk ook over dit onderwerp te praten. Nederlanders menen dat zij alles maar kunnen maken en overal een mening over mogen hebben tegen wie dan ook en waar dan ook. En als het de ander niet zint, dan meppen ze er lustig op los. Men heeft een kort lontje gekregen. Het is in ons land erger dan in andere landen, zo lijkt het. Waar ligt dat toch aan? En waarom zou je dat willen? Die naam hebben bedoel ik. In het buitenland bekend staan als 'de bonte hond'.


Zei men vroeger 'doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg' met andere woorden, je mocht niet opvallen, tegenwoordig moet iedereen overal een eigen mening over hebben. Het kan niet gek genoeg. Het liefst moet die eigen mening ook nog verkondigt worden tegen iemand waarvan ze weten dat die het niet met hen eens is. Alles maar om de ander te overtuigen van hun gelijk. Onder het mom van: 'Ik wil je een spiegel voorhouden', terwijl ze eigenlijk hun eigen spiegel aan je voorhouden. Ieder mens moet de kans krijgen in zijn eigen spiegel te kijken, te leren van zichzelf, niet omdat een ander dat nu eenmaal vindt dat het moet.
En vervolgens als het te moeilijk wordt, boos worden, of erger, er vandoor gaan.

We zijn een raar volkje. De een vindt het zweverig, terwijl het voor de ander niet zweverig genoeg kan. Van oorsprong is 'de Nederlander' een nuchter persoon. Bemoeizuchtig, misschien soms, maar eigenlijk van oorsprong dus, is 'de Nederlander' het liefst op zichzelf. Wanneer dat is veranderd weet ik niet, het zal de tijd wel zijn.
Is het soms zo dat wat je irriteert aan de ander, eigenlijk dat ook irriteert bij jezelf maar dat niet wilt zien?
Zou het dat zijn wat Jung bedoelde?

© KH

Monday, 23 April 2012

Er knaagt een onzekerheid die niet te verklaren is, of toch wel?



Mijn hele leven ben ik vreselijk onzeker geweest. En als ik er goed over nadenk ben ik dat eigenlijk nog. In mijn zoektocht naar mijzelf, waar ik toch eigenlijk de afgelopen anderhalf jaar mee bezig ben, kom ik erachter dat ik kennelijk nog steeds niet genoeg van mijzelf houd om mijn onzekerheid kwijt te raken.
Sterker nog, ik houd niet genoeg van mezelf om een hele hoop andere problemen ook aan te pakken, zoals mijn overgewicht, maar dat is een andere onderwerp waar ik het al eerder over gehad heb.

Het begint en eindigt allemaal bij het houden van jezelf. Of leren houden van jezelf. Want als je niet van jezelf houdt, wie houdt er dan wel van je? Zo luidt de quote. En wie is er gekker op quotes dan ik?



Ik ben heel erg druk, altijd al geweest. Ik heb gemerkt dat ik nog drukker word, praat, doe als ik onzeker ben van mezelf. Ik denk dat ik dat doe om me ergens achter te verschuilen zodat niemand ziet dat ik onzeker ben. Alleen die drukke ik, die vindt niet iedereen aardig. Nu hoef ik niet door iedereen aardig gevonden te worden, zeker niet. Maar een eerste indruk zegt veel. Ik weet dat ik druk doe of ben, en toch kan ik er niet mee ophouden. Waarom ben ik dan nog onzeker? Geen idee waarom. Ik hoef het niet te zijn. Ik ben in de afgelopen jaren ontzettend sterk geworden, kan meer en doe meer dan ik voor mogelijk had gehouden. Ik kan, kortom, trots zijn op mezelf. En toch, toch knaagt er af en toe een onzekerheid aan me die niet te verklaren is. Of misschien wel te verklaren maar die ik diep weggestopt heb misschien. Zal wel ergens uit mijn jeugd komen.

Ooit deden mijn ouders alles voor me. Hoefde ik zelf niets te regelen, geen instantie te bellen of geen dokter of tandarts afspraak te regelen. Toen ik op 19 jarige leeftijd het huis uit ging, moest ik ineens een stuk zelfstandiger worden wat ik erg moeilijk vond. Mijn ex nam veel van die regelzaken over van mijn ouders dus als gevolg hoefde ik nog niet veel voor mezelf te regelen behalve op mijn werk. Ik werd een heuse zenuwpees eigenlijk. Want zodra iemand aan mij vroeg: Regel jij dat even? Bel jij die instantie even? Schoot er al een knoop in mijn maag van de zenuwen. Bij geen enkel bedrijf waar ik werkte werd dat beter. Mijn zelfvertrouwen was er niet, kwam er niet en ik bleef maar druk om dat te maskeren. Later toen ik thuis bleef bij mijn kinderen werd dat iets beter. Eindelijk iets wat ik wel kon, dacht ik. Maar ook dat is niet echt 'gezond'. Als ik daar nu aan terugdenk, verborg ik me eigenlijk achter het feit dat ik thuis bij de kinderen wilde blijven. Dan hoefde ik tenminste niet iets wat ik niet wilde of in mijn hoofd niet kon. Instanties bellen deed mijn ex nog steeds (toen mijn man) dus daarover hoefde ik me ook niet druk te maken. Ik ging wel naar consultatiebureaus met de kinderen maar dat hoorde erbij.
Pas later toen ik de knoop doorhakte en ging scheiden, en alles zelf moest regelen (wat betekende instanties bellen) werd mijn zelfverzekerdheid groter en mijn onzekerheid minder. Ik had geen man meer me achter te verschuilen.



Maar nu ik alweer een tijdje samenwoon, merk ik dat ik soms weer probeer me te verschuilen achter een man. Wat in dit geval niet altijd lukt, omdat de man in kwestie een autistische contactstoornis heeft en zich meer achter mij verschuilt dan andersom. Dat werkt nu eenmaal zo. Het heeft zo moeten zijn, denk ik weleens. Niets gebeurd zomaar, alles heeft een reden. Ik moet meer zelfvertrouwen hebben, meer voelen dat ik het aan kan en vooral meer houden van mezelf. Trots zijn op mezelf hoort daar ook bij.
Jammer dat ik zo neerbuigend over mezelf kan denken soms. Dan sta ik in de spiegel naar mezelf te kijken en dan hou ik op dat moment helemaal niet van mezelf, maar zie ik alleen het beeld dat ik van mezelf heb. Terwijl ik stiekem (en waarom stiekem) best trots ben op de verhalen en gedichten die ik schrijf. Op de blogs die ik schrijf en de groei die daarmee gepaard gaat.
Betekent dat dan ook dat ik van mezelf hou? Wat raar dat ik daar dan even over na moet denken.. En wat jammer eigenlijk ook. Er is nog heel wat werk aan de winkel!

© KH

Monday, 6 February 2012

Voer voor psychologen

‘Het goede leven is een proces, niet een staat van zijn. Het is een richting, niet een doel'. 
~ Carl Rogers 




Vriend heeft Pdd-nos. Dat is bekend. Een kleine 2 jaar geleden kreeg hij deze 'stempel' en sindsdien loopt hij een beetje vast. Eigenlijk al langer maar nu het een naam heeft kan hij makkelijker hulp krijgen. Tenminste, dat dachten we. De psycholoog waar Vriend bij gediagnostiseerd is, daar zijn we niet meer. Hij probeerde ons van alles aan te praten. De laatste keer dat ik daar moest komen praten, kletste ik hem zo onder tafel. Nu heb ik geen psychologie diploma maar weet ik wel dat het niet bepaald positief is als ik een psycholoog onder tafel kan kletsen. Voor mij als persoon wel leuk maar niet de bedoeling zo lijkt me.
Vriend had geen prettig gevoel bij deze man en zo kwam hij bij het GGZ terecht na oeverloos wachten.

Nu 'loopt' hij bij een Sociaal Verpleegkundige. Deze man kwam meteen heel sympathiek over in het eerste gesprek. We hadden er beiden een goed gevoel over. Het zou helemaal goed komen. Vriend zou de hulp krijgen die hij nodig had.

Gisteren zei Vriend ineens: 'O ja, vergeten te vertellen vorige week: jij moet vanaf morgen mij rapportcijfers gaan geven.' Ik zat Vriend waarschijnlijk heel stom aan te kijken. Was dit niet de reden waarom wij bij Psycholoog 1 waren weggegaan? Het in onze ogen, 'debiele' 'kinderachtige' rapportcijfer-geven aan je gevoel en gedrag? 'Nou', zeg ik tegen Vriend. 'Ten eerste heb ik al een hekel aan de woorden 'jij moet' dus daarvoor krijg je al een 5. Daarnaast zouden we dat nooit  meer doen, en ben je dus daarmee akkoord gegaan zonder commentaar dus wordt dat al een 4 en het feit dat je daarmee een week nadat je er geweest bent komt is dus bij elkaar een 3. Goed bezig!' Vriend kijkt me aan en ziet aan mij dat ik er flink de draak mee steek en begint te lachen.



Ik heb me vanmorgen eens ingelezen (kon helaas niet achterhalen welke mafkees dit bedacht heeft) en dit gevonden:


De oplossingsgerichte therapeut kan de cliënt vragen de huidige situatie een cijfer te geven. Daarbij gaat hij ervan uit dat een probleemloze situatie een 10 is en de situatie waarin 
de klachten het hevigst zijn een 0.


Het is toch te gek voor woorden dat je aan gedrag of gevoel een cijfer moet hangen? Niet als cliënt zijnde maar nu moet ik als zijn partner dat dus doen! Hoe bedenkt iemand dat! Hoe kun je daar nu iemand mee motiveren vraag ik me af? Het lijkt mij alleen maar demotiverend te werken als je een partner met een sociale contactstoornis  hebt, zoals ik, die zich om de haverklap aan mensen en dingen ergert en jij moet dat met een cijfer beoordelen als zijn partner! Hoe moet dat je relatie ten goed komen in vredesnaam? Welke malloot van een psycholoog heeft dat ooit bedacht? En als ze dit nog leren aan psychologie studenten is dat meteen reden om mijn wens ooit nog psychologie te gaan studeren, meteen te laten varen.



De psycholoog Carl Rogers spreekt mij veel meer aan in dit opzicht. Hij ging ervan uit dat elk individu streeft naar het ontplooien en optimaal benutten van de eigen mogelijkheden en talenten. Hij bestudeerde niet alleen het therapeutische proces op een systematische manier, maar hij ontwikkelde ook een eigen werkvorm: de
cliëntgerichte of non-directieve therapie (niet-sturende). Rogers is voorstander van een non-directieve aanpak; de cliënt bepaalt zelf de doelstellingen. In de oorspronkelijke werkwijze geeft de therapeut of counselor geen richting aan de cliënt. Hij interpreteert niet en geeft geen advies, behalve ter aanmoediging of verheldering. Dit doet hij vanuit de gedachte dat de cliënt uiteindelijk zelf het beste de eigen problemen kent en kan hanteren. Het is de taak van de hulpverlener die mogelijkheden te helpen ontdekken en benutten. Hiertoe wordt een niet beoordelende, accepterende sfeer gecreëerd.

Diezelfde avond lagen Vriend en ik in bed nog wat te praten over de dag. Hij maakte een opmerking (ik weet niet eens meer waarover) en ik zei hem: 'Pas op wat je zegt he! Je hebt al een 3, het kan zo maar een 2 worden!' We kregen allebei de slappe lach die wel een kwartier aanhield.

Rapportcijfer voor onze relatie. Ik denk een vette 9. Ondanks wat strubbelingen hier en daar. Maar welke relatie heeft dat niet? Wie bedenkt er nou om rapportcijfers te geven aan je partner. Dat is pas voer voor psychologen!

© KH